Draai je tablet om verder te gaan.
Sluiten User Name

Test - Thema 5 Dit is mijn huis

Testresultaten

99% goed.

Gefeliciteerd! Je hebt de test héél goed gemaakt.


Vraag 1

Wat hoort bij elkaar?

Ik betaal

10 euro per uur.

Ze is gek

op chips.

Nina woont

op nummer 62.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 2

Wat hoort bij elkaar?

Hou je

van kinderen?

Ibrahim heeft

veel ervaring met dit werk.

Mijn zus zorgt

voor de baby.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 3

Lees de rangtelwoorden.

eerste
tweede
derde
vierde
vijfde
zesde
zevende
achtste
negende
tiende

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 4

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Yemane koopt een nieuwe tafel voor de helft van de prijs.

Mijn vrouw werkt drie dagen per week.

Aanbieding: een bank en een bed, samen voor maar 450 euro.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 5

Luister naar de zin.
Lees de zin.
Kies het goede antwoord.

De nieuwe winkel gaat maandag open. U bent ...

Ik koop vaak kleren ... Dat is goedkoop.

Aanbieding: 2 pakken koffie voor 3 euro. Kom snel, want ...

Ik koop kaas ...

Mia koopt 2 stoelen. De stoelen kosten ... 70 euro.

Malak koopt een nieuwe bank. Hij krijgt ...

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 6

Luister naar de zin.
Lees de zin.
Kies het goede antwoord.

Ik ben ... patat met mayonaise. Heerlijk!

Ik wil je iets vragen. Kom je even ...?

Mevrouw De Wit is oud en ziek. Ze ...

We zijn morgen niet thuis. Kun je voor onze poes ...?

Wie wil mijn oude bank hebben? Ophalen ... 51.

Wie wil oppassen op mijn kinderen? Ik betaal 10 euro ...

Koekjes zijn niet gezond, maar wel lekker. Ik ... koekjes.

Kijk, hier ligt een telefoon! Wie is zijn telefoon ...?

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 7

1e

eerste

2e

tweede

3e

derde

4e

vierde

5e

vijfde

6e

zesde

7e

zevende

8e

achtste

9e

negende

10e

tiende

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 8

Lees de zin.
Sleep het goede woord in de zin.

Ik wil graag in een dorp wonen.
We wonen op de zevende verdieping.
Ik deel een kamer met mijn zus.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 9

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin. 

Ik ben alleen thuis. Het is hier lekker rustig.

Wat een mooi huis heb je!

We halen vanavond patat. Is dat een goed idee?

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 10

Luister naar de zin.
Lees de zin.
Kies de goede reactie.

Ik kan niet slapen, want ik heb hoofdpijn.

Ik hou niet van lawaai.

Ik woon in een mooi huis, met veel licht.

In dit dorp zijn weinig huizen.

Sorry, ik kan niet vanavond.

Ik wil slapen. Ik hoor lawaai op straat.

We wonen in een drukke straat.

De kinderen zijn beneden. Ze maken lawaai.

Ik woon in een klein en gezellig appartement.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 11

Lees de zin.

Kies het goede antwoord.

In het ... van de stad zijn veel winkels.

Jan en Elena wonen naast me. Ze zijn mijn ...

Betaal je meer of minder dan 500 euro ... per maand?

Ik vind de telefoon niet mooi. Ik wil de telefoon ...

Ik koop chips, kaas en worst, ... ik hou van zout.

Mijn huis heeft drie kamers. ... kamers heeft het huis van Ahmed?

Marco werkt drie dagen ... week: maandag, dinsdag en vrijdag.

In mijn huis is één keuken. Ik ... de keuken met Laura en Nadia.

In mijn ... staat een bed.

Ik eet ... rijst met kip. Dat vind ik lekker!

Hij ... het nummer in de telefoon.

Er is veel ... in mijn kamer. Ik vind dat fijn.

Ik praat met ... cursisten in mijn klas.

Het is mooi weer. Elias zit ... in de tuin.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 12

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Meneer Shen heeft een leuke dag, want zijn kinderen komen op bezoek.

'Wat is uw adres, mevrouw?'

'Sorry, kan je mij even helpen?' 

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 13

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Vanavond moet ik werken. Stella komt oppassen op mijn dochter.

Ik schrijf een briefje voor mijn buurvrouw.

Mijn buurman is oud. Ik help mijn buurman met de boodschappen.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 14

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Ik wil naar binnen. Ik zoek de sleutel van mijn huis.

Mijn man is ziek. Ik zorg voor mijn man.

Mehdi werkt tien jaar bij de gemeente. Hij heeft veel ervaring.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 15

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Ik drink het liefst koffie met veel suiker. Ik hou van zoet!

Hoeveel kilo sinaasappels heb je nodig?

De school is vlakbij mijn huis.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 16

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Welke telefoon vind je mooi? De blauwe of de rode?

Lea koopt meubels voor haar nieuwe huis: een kast, een tafel en stoelen.

Het is druk. Er zijn veel klanten in de nieuwe winkel.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 17

Lees de woorden.
Kijk naar de plaatjes.
Zet de woorden bij de goede plaatjes.

de fiets

de poes

de ingang

de sleutel

de stoep

het briefje

de flat

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 18

Lees de woorden.
Kijk naar de plaatjes.
Zet de woorden bij de goede plaatjes.

de badkamer

het appartement

de woonkamer

de tuin

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 19

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Ik wil vanavond lekker eten. Weet jij een leuke plek in het centrum?

In mijn kamer is een groot raam. Er is veel licht.

Ik vind deze tafel mooi. Hij is blauw.

Dit is een leuke stad met veel winkels.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 20

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Waar is je appartement? Op de derde of vierde verdieping?

Het is ochtend. Buiten is het licht.

Ik heb een mooie kamer. De huur is 550 euro per maand.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 21

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Ga je naar het feest? Ik weet het niet. Ik twijfel nog.

Ik ga naar de snackbar. Ik haal patat voor mezelf.

Nee, dank je, ik wil geen alcohol drinken. Trouwens, ik vind het ook niet lekker!

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 22

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Ik kijk op internet. Ik zoek informatie over de gemeente.

In deze winkel verkopen ze koffie en thee.

Deze fiets kost 200 euro. Ik krijg 50 procent korting, dus ik betaal 100 euro.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 23

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin. 

Rik slaapt hier. Hij heeft een eigen kamer.

Ik kan niet komen, want ik ben ziek.

In wat voor huis woont Samira? Een groot of een klein huis?

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 24

Lees de zin.
Kies het goede antwoord.

Ik woon in de Mosstraat, op ... 26.

Ik snap het niet. Wie kan mij ...?

Ik ga straks boodschappen doen. De koelkast is ...

De kleren ... in de slaapkamer.

Emine is vaak in de keuken. Zij is ... op koken!

Ik ben niet thuis. Wie kan voor mijn poes ...?

Rima werkt graag met kinderen. Ze kan goed ...

Ik begrijp het formulier niet. Ik heb ... nodig.

Het is 15.15 uur. Wil jij de kinderen ... van school?

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 25

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Ik woon niet beneden. Ik woon in een appartement op de tweede verdieping.

Alle winkels in deze straat gaan om 9.00 uur open.

In dit huis wonen vijf mensen. We delen de keuken en de badkamer.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 26

Luister naar de zin.
Wat hoor je?

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 27

Luister naar de zin.
Welk woord hoor je?

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 28

Luister naar de zin.

Welk woord hoor je?

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 29

Luister naar de woorden.
Welk woord hoor je?

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.

Vraag 30

Luister naar de zin.
Wat hoor je?

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.