Draai je tablet om verder te gaan.

13 Gas, water en elektriciteit

Zet de verwarming laag

1 Verstaan en nazeggen

1

Luister naar de zin.

Wat hoor je?

9 van de 9 goed.
Opnieuw invullen

2

Luister naar de zin.

Welk woord hoor je?

9 van de 9 goed.
Opnieuw invullen

3

Luister naar de zin en zeg na.

Vandaag doe ik de was.

We gebruiken gas, water en elektriciteit.

Hoe kan ik besparen op energie?

Wast u op 40 of 60 graden?

Dat is niet verstandig.

Ik betaal net zo veel geld als jij.

Hij wil meer geld besparen.

Hoelang staat u onder de douche?

Dat kan best een beetje korter.

Hoe hoog staat de verwarming?

Ik merk het verschil niet.

Nee toch?

Ik heb overal in huis verlichting.

Energie kost geld.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.