Draai je tablet om verder te gaan.

20 Wat is alles duur ...

Misschien kun je het met korting kopen

1 Doe de taak

Tips geven om te bezuinigen

1

Luister naar de tekst en lees mee.

 

Hoe kom jij rond? 

Andy vertelt hoe hij rondkomt

We zijn niet arm en ook niet rijk. We hebben net voldoende geld om alle belangrijke dingen te betalen. Bijvoorbeeld eten, kleren voor de kinderen en de huur van ons huis. Maar we moeten wel zuinig zijn. We zijn voorzichtig met onze uitgaven. Ik maak iedere maand een overzicht van de inkomsten en de uitgaven. Dan kan ik precies zien hoeveel geld we nog hebben voor luxe dingen, zoals een klein cadeautje voor de kinderen.

Peter vertelt over zijn schuld

Ik had vroeger nooit problemen met geld. Ik had een leuke baan en mijn vrouw werkte ook. Dus we konden prima rondkomen. Maar nu ben ik werkloos en werkt alleen mijn vrouw nog, parttime. Zij werkt twintig uur per week, als caissière bij de Jumbo. Dus we hebben nu veel minder geld. Nu kreeg ik vorige maand onverwacht een heel hoge rekening voor mijn telefoon. Die kan ik absoluut niet betalen. Het gevolg is dat ik nu een schuld heb bij Vodafone. Zo stom!

Mira vertelt over haar bezuinigingen van vroeger

Een paar jaar geleden had ik geen werk. Ik was net in Nederland en ik sprak nog geen Nederlands. Ik kon niet werken, dus ik moest rondkomen van een uitkering. Dat was moeilijk. Ik had net genoeg geld voor de vaste lasten, zoals de dagelijkse boodschappen, de huur en mijn  zorgverzekering. Verder moest ik op alles bezuinigen. De rekening van de tandarts of een pak wasmiddel waren te duur. Ik moest de televisie en internet opzeggen. Nu gaat het gelukkig beter. Sinds twee jaar werk ik fulltime. Ik verdien nu genoeg en ik krijg geen bijstand  meer. Ik heb geen zorgen meer over geld en volgend jaar ga ik zelfs op vakantie!

2

Werk samen. Beantwoord de vraag. Gebruik opdracht 1.

Lees de zinnen. Bij welke tekst hoort de zin? Schrijf 1, 2 of 3.

 

2 Ik ben werkloos.

1 Ik weet precies hoeveel geld ik heb.

3 Ik heb geen zorgen meer over geld.

3 Vroeger had ik veel problemen met geld.

1 Ik heb soms geld voor luxe dingen.

2 Ik heb een schuld.

Kijk na

3

Vul het schema in.

Welke uitgaven heb je vaak, soms of nooit? Kruis aan. Je kunt ook zelf iets opschrijven.

4

Werk samen. Praat over opdracht 3.

A begint.

Wissel daarna van rol.

 

A kiest iets uit het schema van opdracht 3.

A vraagt aan B:

Betaal je voor … ?

B antwoordt in een hele zin:

  • Ja, ik betaal vaak voor …
  • Ja, ik betaal soms voor …
  • Nee, ik betaal nooit voor …

5

Werk samen. Luister naar de gesprekken. Lees de zinnen hardop.

A begint.

Wissel daarna van rol.

Advies geven over bezuinigen 
A:  Mijn zoon wil schoenen van een duur merk. 
       Die kan ik niet betalen.
       Wat kan ik doen?
B:  Je kunt op internet zoeken naar een aanbieding.
      Misschien kun je de schoenen met korting kopen.
      Hoe oud is je zoon? 
      Misschien kan hij ook zelf voor de schoenen sparen.

A:   Mijn telefoonrekening is te hoog. 
        Ik kan het niet betalen, nu heb ik een schuld.
        Wat kan ik doen?
B:   Probeer om via internet te bellen, dat is goedkoper.
        Misschien kun je een goedkoper abonnement kiezen.
        Je kunt ook vragen of andere mensen naar jou bellen.

6

Werk samen. Lees de situaties. Schrijf een advies op.

shutterstock_2149564171 (1)

1. Bersin woont in een oud huis. Ze heeft een hoge rekening voor energie.

Ze wil graag bezuinigen. Wat kan ze doen?



shutterstock_2019619832 (1)

2. Cloë en Alex hebben drie zoons van 13, 15 en 17 jaar. De kinderen groeien snel en ze hebben vaak nieuwe kleding en schoenen nodig.    

Cloë en Alex hebben niet zoveel geld. Ze willen graag bezuinigen.

Wat kunnen ze doen?



shutterstock_2025067889 (1)

3. Evgeni is 20 jaar en hij woont alleen. Hij volgt een opleiding en hij werkt niet. Voor school heeft hij een laptop nodig, maar hij kan geen laptop betalen.

Wat kan hij doen?



shutterstock_1514146196 (1)

4. Suraya is 24 jaar. Ze houdt van winkelen en uitgaan met haar vriendinnen. Ze gaat vaak naar de kapper. Ze krijgt een hoge rekening voor haar telefoon. Ze kan het niet betalen en nu heeft ze een schuld. Ze moet bezuinigen.

Wat kan ze doen?



7

Werk samen. Praat samen. Gebruik opdracht 6.

A begint.

Wissel daarna van rol.

 

A wil bezuinigen.

A kiest een situatie van opdracht 6.

A vraagt advies aan B:

Ik heb een probleem.

Ik …

Wat kan ik doen?

 

B antwoordt in een hele zin, bijvoorbeeld:

Je kan …

Misschien kun je …

8

Werk samen. Doe opdracht 7 nog een keer.

A wil bezuinigen.

A bedenkt nu zelf een probleem.

B geeft advies.

Wissel daarna van rol.

9

Maak de zinnen af. Gebruik opdracht 6.

 

1. Bersin kan haar energierekening niet betalen. Misschien ...



2. Cloë en Alex moeten vaak kleding en schoenen voor hun zoons kopen. Ze kunnen proberen om ...



3. Evgeni kan geen laptop betalen. Hij kan ...



4. Suraya houdt van winkelen en uitgaan, maar ...



10

Lees het bericht. Schrijf een reactie.

Je krijgt een bericht van een vriendin. Ze schrijft over haar dochter Sara.

Geef twee adviezen aan je vriendin.

Stuur naar je docent

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.