Luister naar de zin.
Lees de zin.
Kies het goede antwoord.
Vanavond ... we visite.
kijken
krijgen
Ik stuur het formulier ... de gewone post.
in
met
Moeder en baby slapen ... 13.00 en 16.00 uur.
tot
tussen
Hij koopt ... voor zijn nieuwe huis.
bijna alles
van alles
... jij een kaartje voor een verjaardag?
Schrijf
Stuur
U krijgt de informatie ... e-mail.
bij
per
Ik ... jullie veel geluk.
stuur
wens
Sommige medicijnen koop ik bij de drogist, ... neusdruppels.
bijvoorbeeld
bijzonder
Onze buurvrouw komt vanavond ...
op visite.
voor visite.
Sleep het goede woord in de zin.
Alexia is jarig en trakteert op taart.
Een kaartje sturen met de gewone post duurt 1 of 2 dagen.
Ik heb van alles gekocht: kleren, schoenen, een boek en parfum.
Vanavond kan ik niet komen, want ik krijg visite.
U ontvangt de rekening niet met de post, maar per e-mail.
In de kantine kun je eten kopen, bijvoorbeeld soep en broodjes.
Wat hoort bij elkaar?
Mirna trakteert
op cake.
We sturen
een kaartje.
Ik wens jullie
een fijn weekend.
De familie komt
Ik bel je vanavond
tussen 18.00 en 19.00 uur.
Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.