2 Praat Nederlands met iemand.
Praat over de geboorte van een kind. Welke gewoontes en ervaringen hebben jullie? Wat is anders? Wat is hetzelfde? Je kunt bijvoorbeeld praten over:
- gewoontes na de geboorte
- cadeaus voor de baby
- spullen voor de baby
- een voornaam en achternaam
- vaccinaties en zorg na de bevalling
Bedenk eerst:
- Met wie kun je praten?
- Wat kun je zeggen?