Draai je tablet om verder te gaan.

19 Bewegen en zwaar werk

Ik heb last van mijn knieën

1 Woorden oefenen

1

Lees de woorden.

Kijk naar de plaatjes.

Zet de woorden bij de plaatjes.

het bord

het restaurant

het bovenhuis

de knie

Kijk na

2

Lees de woorden.

Kijk naar de plaatjes.

Zet de woorden bij de plaatjes.

de timmerman

de schilder

de metselaar

de slager

de tuinman

Kijk na

3

Lees de woorden.

Kijk naar de plaatjes.

Zet de woorden bij de plaatjes.

uitslapen

bukken

afwassen

tillen

Kijk na

4

Lees de zin.

Kies het goede antwoord.

Welk ... vind je leuker? Kok, chauffeur of agent?

Ik kan niet ..., want ik heb last van mijn rug.

Hugo werkt in de ... Hij brengt eten en drinken naar klanten.

Felix ... pakjes bij mensen thuis.

Het eten ligt op mijn ...

Rami kan morgen niet werken. Hij gaat zich ...

De ... staat op de trap en verft het huis.

Wil je de groente en rijst op het bord doen? Je moet het eten netjes ...

Ik kan niet hardlopen, want ik heb pijn in mijn ...

Deze doos is heel zwaar. Kun jij hem naar boven ...?

0 van de 10 goed.
Kijk na

5

Lees de zin.

Kies het goede antwoord.

Een ... werkt vaak buiten.

Gisteren ben ik gevallen. Nu is mijn knie ...

Mijn wekker doet het niet meer. Hij is ...

We moeten wachten ... de bus komt.

De ... van de oude naar de nieuwe flat kostte veel tijd.

Zware dingen ... is slecht voor je rug.

Eva is al lang niet naar school geweest. Ze is ... ziek. 

De ... kan een houten tafel maken.

In het weekend hoef ik niet vroeg op te staan. Ik kan lekker ...

We hebben geen tuin, want we wonen in een ...

0 van de 10 goed.
Kijk na

6

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Na het eten gaan we meteen de borden afwassen.

Maria werkt in een restaurant. Ze serveert het eten aan de gasten.

Hoe laat kunt u de pizza's bij ons thuis bezorgen?

Kijk na

7

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Adam werkt al vijf jaar in deze winkel. Zijn beroep is verkoper.

Bij een verhuizing heb je veel dozen nodig.

Een metselaar helpt bij het bouwen van een nieuw huis.

Kijk na

8

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Kun je me helpen met zware meubels sjouwen? Ik ben niet zo sterk.

Vandaag wil ik me ziek melden, omdat ik koorts heb.

Kunnen jullie doorwerken totdat het 17.00 uur is?

Kijk na

9

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Ik zoek een baan in de bediening, bijvoorbeeld in een café.

In dit restaurant hebben ze lekker eten uit verschillende landen.

Wil je vlees halen bij de slager?

Kijk na

10

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

's Ochtends is mijn rug een beetje stijf. Ik moet dan eerst bewegen.

Mijn nieuwe telefoon ging binnen een week stuk. Raar hè!

De regen stopt niet. Het regent voortdurend.

Kijk na

11

Wat hoort bij elkaar?

eten

serveren

pannen

afwassen

een zware doos

tillen

Kijk na

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.