Draai je tablet om verder te gaan.
WEB_24ZKIJ94_Haarlem_A1-A2 lang_ochtend_Heidi Uitloggen

Grammaticatrainer

12.2 veel - meer - meest, weinig - minder - minst, graag - liever - liefst, goed - beter - best

1

Luister naar de zin.

Lees de zin.

Kijk naar de plaatjes.

 

Dat is veel.

 

35_1_1_1

 

Dat is meer.

 

35_1_1_2

 

 

Dat is het meest.

 

35_1_1_3

 

Dat is weinig.

 

35_1_2_1

 

 

Dat is minder.

 

35_1_2_2

 

 

Dat is het minst.

 

35_1_2_3

 

Ik eet graag vis.

 

35_1_3_1

 

Hij eet liever kip.

 

35_1_3_2

 

 

Zij eet eet het liefst taart.

 

35_1_3_3

 

Ik spreek goed Nederlands.

 

35_1_4_1

 

 

Ik spreek nog beter Nederlands.

 

35_1_4_2

 

 

Onze docent spreek het best.

 

35_1_4_3

2

Luister naar de zin.

Lees de zin.

Kijk naar de plaatjes.

veel - meer - meest

 John eet veel.

35_2_1_A

 

 Adam eet meer.

35_2_1_B

 

 Ali eet het meest.

35_2_1_C

weinig - minder - minst

 Julia eet weinig.

35_2_2_A

 

 Sofia eet minder.

35_2_2_B

 

 Layla eet het minst.

35_2_2_C

graag - liever - het liefst

 Layla eet graag fruit.

35_2_3_A

 

 Mehmed eet liever couscous.

35_2_3_B

 

 John eet het liefst pizza.

35_2_3_C

goed - beter - het best

 Ik fiets goed.

35_2_4_A

 

 Mijn vriend fietst beter.

35_2_4_B

 

 Mijn broer fietst het best.

35_2_4_C

3

Luister naar het woord.

Wat hoor je?

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

4

Luister naar de zin.

Kies het goede antwoord.

100 is ... 50.

Wat drink je ... Thee of koffie?

1000 euro is ... geld.

Wat eet je ... 

Adam eet ... groente dan vlees.

Ze eet ... taart.

Layla eet ... haar man.

David kookt ... zijn vriend.

Het kind eet niet ...

Wie kookt ...

Waar kosten de boodschappen ...

De kinderen spelen ... in het park.

12 van de 12 goed.
Opnieuw invullen

5

Luister naar de zin.

Zet de woorden op de goede plaats.

Mijn ouders eten veel. Mijn vader eet het meest.

Ik drink liever koffie dan thee.

Sofia heeft veel problemen.

Hij kan goed schrijven.

Ik eet weinig suiker.

Mijn broer gaat graag naar school.

Hij eet meer rijst dan brood.

Ali sport minder dan John.

Mijn moeder is het liefst thuis.

Thee is beter voor de gezondheid dan cola.

2 is minder dan 3. 1 is het minst.

Volkorenbrood is het best voor de gezondheid.

12 van de 12 goed.
Opnieuw invullen

6

Lees de zinnen.

Kies het goede antwoord.

Ik eet ... taart dan brood.

Ali kan heel ... koken.

John drinkt ... alcohol dan zijn vader.

Julia drinkt ... alcohol dan haar vader.

Mijn broer eet heel ... brood.

Ik wil heel ... in een rustig dorp wonen.

Mijn kinderen drinken niet genoeg. Mijn zoontje drinkt het ...

Layla leest goed. Julia leest ... dan Layla. 

Hij eet 5 gram suiker per dag. Dat is ...

John eet graag soep, maar hij eet ... pizza.

Anna heeft één tas. Julia heeft twee tassen. Ik heb vier tassen. Dat is het ...

Hij houdt van muziek. Hij vindt de muziek uit zijn eigen land het ...

12 van de 12 goed.
Opnieuw invullen

7

Lees de woorden.

Zet de woorden op de goede plaats.

Ik eet minder dan Sofia.

Wie eet het minst?

10 euro is meer dan 5 euro.

Ik eet het liefst kip of vis.

Mijn broer eet heel veel.

We luisteren graag naar muziek.

Ik kan beter lezen dan spreken.

David houdt het meest van cola en chips.

Mohammed woont liever in de stad dan in een dorp.

Sarah heeft weinig vrienden.

Het blauwe T-shirt past het best.

Ali kan goed Nederlands spreken.

12 van de 12 goed.
Opnieuw invullen
Wat is de regel?

Dit is de regel:

 

50 euro is veel. 75 euro is meer dan 50 euro. 100 euro is het meest.
1 euro is weinig 50 cent is minder dan 1 euro.  10 cent is het minst.
     
Ik kan goed fietsen. Ali fietst beter dan ik. Anna fietst het best.
Ik eet graag kip. Ali eet liever vis dan kip. Anna eet het liefst kip.

 

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.