Draai je tablet om verder te gaan.
WEB_24ZKIJ94_Haarlem_A1-A2 lang_ochtend_Heidi Uitloggen

Grammaticatrainer

2.8 werkwoord + je

1

Luister naar de zin.

Wat hoor je?

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

2

Luister naar de zin.

Kies het goede antwoord.

... je de trein?

... je om negen uur?

Je ... goed.

... je een zin?

... je de lunch?

Je ... om 10 uur.

... je een fiets?

Je ... een flat.

Je ... hulp.

... je thuis?

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

3

Luister naar de zin.

Zet de woorden op de goede plaats.

Je belt woensdag.

Je spreekt met je docent.

Haal je twee hamburgers?

Kies je een boek?

Betaal je de boodschappen?

Je leest het formulier.

Begrijp je de docent?

Werk je op zondag?

Je bent ziek.

Je gaat naar het strand.

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

4

Lees de zinnen.

Welke zin is goed?

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

5

Je ... uit het raam.

Je ... een verhaal.

... je snel?

... je Nederlands?

Je ... 10 euro.

Je ... het ontbijt.

... je een nieuw huis?

... je een pizza?

... je mijn verhaal?

... je de buren?

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

6

Lees de woorden.

Zet de woorden op de goede plaats.

je doet niks.

je stuurt een e-mail.

slaap je goed?

vraag je hulp?

vertrek je nu?

je schrijft een e-mail.

neem je een biertje?

kom je naar buiten?

je hebt een dochter.

je  zoekt een nieuw huis.

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen
Wat is de regel?

Dit is de regel:

 

Je werkt in Amsterdam. Werk je in Amsterdam?
   
Je krijgt koffie. Krijg je koffie?
   
Je luistert naar muziek.               Luister je naar muziek?

 

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.